Zolang er mensen zijn, hebben zij zich altijd bezig gehouden met tijdmeting.
Vroeger gebruikte men hiervoor primitieve instrumenten zoals wateruurwerken, zandlopers en zonnewijzers. In de 13e eeuw werden de eerste mechanische uurwerken gemaakt die, dankzij de technische ontwikkelingen in de daarop volgende eeuwen, steeds nauwkeuriger zijn geworden. Veel uurwerken hebben een hoge (gevoels)waarde. Het zijn erfstukken of ze hebben gewoon veel geld gekost.
Om het onderhoud goed te kunnen uitvoeren, zijn vakspecialisten nodig. Typisch voor dit vak is, dat het in een zekere rust wordt uitgeoefend. Belangstelling voor natuurkundige processen en inzicht in techniek is een pré. Daarnaast moet je plezier hebben in zeer nauwkeurig en accuraat werken aan steeds ingewikkelder wordende mechanieken en elektronica.